Quotessence
Home / Quotes / Quote by Jean Pierre Van Rossem

Quote by Jean Pierre Van Rossem

“Postmoderniteit is een levenswijze die zich minstens sedert 1980 heeft verspreid over de postindustriële westerse samenleving in Europa, Noord-Amerika, Japan en Australië. Ze wordt gekenmerkt door gezinnen die steeds kleiner worden, door een sterk stijgend aantal echtscheidingen en minder huwelijken, door steeds meer buitenechtelijke geboortes, door een razendsnelle stijging van computer- en internet gebruik, door een forse stijging in het druggebruik, door steeds meer tijdsbesteding aan gaming, door een vals gevoel van toenemende vrijheid, door een stijging van de welvaart, enzovoort.”

Quote by Jean Pierre Van Rossem

Work

Postmoderniteit: Onzekerheid & Onveiligheid

Browse quotes and source details for this work. more

Author

Jean Pierre Van Rossem

Browse famous quotes and profile details for Jean Pierre Van Rossem. more

You May Also Like

“Postmoderniteit is voorlopig de meest recente samenlevingsvorm die zich ten tijde van de anomische technische arbeidsverdeling heeft gemanifesteerd. Ze is de opvolger van de moderniteit die zelf de opvolger van de traditionele samenleving was. Postmoderniteit mag niet worden verward met postmodernisme dat een periodecode in de kunst was, ook een (trieste) manier van filosofisch denken dat zich vooral heeft verspreid tussen 1970 en 1995 in Frankrijk – een idiote manier van denken die voorhield dat in de wetenschap algemene theorieën niet langer mogelijk zijn en dat er in een gedicht meer cognitieve waarheid verscholen zit dan in het complete Standard Model van de Fysica. De postmoderne filosofie is, met enige recul bekeken, een staaltje van hoogdravende nonsens geweest, ware het alleen nog maar omdat ze ontkende dat in de menswetenschap algemene theorieën onmogelijk zijn, als had het baanbrekend werk van Jürgen Habermas en Niklas Luhmann geen cognitieve betekenis.”

“Vreemdelingen van niet-westerse herkomst zijn een typisch fenomeen van de postmoderniteit. Zo waren er in Nederland halverwege de jaren 1960 (golden sixties) minder dan 6000 vreemdelingen van Turkse of Marokkaanse afkomst. In België waren er 461 Marokkanen en 320 Turken. Bij aanvang van de postmoderniteit in 1970 waren er steeds nog maar 129.000 vreemdelingen van niet-westerse afkomst (toen vooral Surinamers) in Nederland. Eind 2015 waren dat er al 2.038.500 en tegen 2060 zullen dat er volgens het CBS 3.236.600 zijn. In België waren er in 1970 nog maar 82.888 niet-westerse vreemdelingen. In 2015 zijn dat er al 733.115. Tegen 2050 worden dat er 1.149.000. Ongeveer 70 procent van de niet-westerse vreemdelingen zijn in België moslim. In Nederland is dat slechts 50 procent. De niet-westerse vreemdeling in het straatbeeld is duidelijk een postmodern verschijnsel.”

“In vijf landen ligt de graad van postmoderniteit boven de 80 procent, in de vier Scandinavische landen plus Nederland. In zes andere landen ligt die graad van postmoderniteit boven de 70 procent: in Luxemburg, Frankrijk, België, IJsland, het Verenigd Koninkrijk en België. In vier bestudeerde Europese landen ligt de graad van postmoderniteit onder de 20 procent. In Griekenland, Kroatië, Roemenië en Turkije. Daar is de postmoderniteit nog niet doorgebroken. Het meest achtergebleven land is ongetwijfeld Turkije (waar zelfs de moderniteit nog niet ten volle is doorgebroken). De aanzienlijke verschillen tussen de verschillende Europese landen zijn een duidelijke aanwijzing dat de sociale processen, als bestudeerd door de sociale dynamica, diachronische processen zijn”

“De toename van het aantal niet-westerse vreemdelingen – meer specifiek van de moslims onder hen – leidt in heel Europa tot de wijd verspreide perceptie dat het er veel meer zijn dan er in werkelijkheid zijn. Het onderzoeksbureau Ipsos Mori publiceert jaarlijks de zogenaamde Index of Ignorance. Daaruit blijkt dat mensen behoorlijk last hebben om een aantal fenomenen die typisch zijn voor de postmoderniteit correct in te schatten. Op de vraag hoeveel immigranten er in hun land zijn antwoorden Italianen dat het om 30 procent gaat, terwijl het er slechts 7 procent zijn. (Met “migranten” bedoelen de onderzoekers personen met een vreemde nationaliteit, niet de etnische afkomst.) De Amerikanen zitten er 19 procent naast: ze denken dat het om 32 procent gaat terwijl het er in werkelijkheid slechts 13 procent zijn. Van de ondervraagden uit 14 landen zitten de Belgen er als derde het verst naast. In België hadden op 1 januari 2015 1,26 miljoen of 11,20 procent van de bevolking een vreemde nationaliteit (dus niet verwarren met de etnische herkomst, want dan gaat het om 1,8 miljoen of 16 procent van de bevolking). De ondervraagde Belgen dachten dat het om 29 procent ging en zaten er dus bijna 18 procent naast. Australiërs en Zweden zaten het minst fout, maar toch ook met een overschatting van 7 procent. Op de vraag hoeveel procent moslims er in hun land zijn zaten de Belgen er het verst naast. Ze dachten dat het om 29 procent ging, terwijl het er in werkelijkheid net geen 5 procent zijn, een fout van 24 procent. De Fransen maakten een fout van 23 procent, de Britten en Italianen van 16 procent, de Amerikanen van 14 procent. Minst slecht scoorden de Polen met een overschatting van 5 procent en de Japanners met een overschatting van 4 procent. De onderzoekers concludeerden: “People (…) massively overestimate the proportion of Muslims.”