Quotessence
Home / Authors / Leopold II

Leopold II Quotes

Author

Filter quotes by topic

Famous Leopold II Quotes

“Het is vooral van belang dat wij ons aandeel bekomen in de exploitatie van denieuwe en groote Chinesen markt. Geen beter middel, voorzeker , om ons in deze verre landen te doen kennen en ze zelf te leeren kennen, dan een nijverheids-en handelsgezantschap te sturen bij de hoven van Yedo en Peking, ten einde de keizers om hunne vriendschap te vragen en hun stalen aan te bieden van onze producten, als daar zijn : Kanonnen, krijgs-en prachtwapens, stoffen, tapijten, lakens, weefsels, garen, linnen, kant, meubelen, messen, spiegels, vensterglazen, rijtuigen, modellen van machines, stalen van ijzer, zink, kolen enz. enz.”

“Van nu af moeten wij onze markten zoo talrijk maken als mogelijk is. Geen ander middel bestaat er tot het bezweren dier nijverheidserisissen, waarvan de noodlottige gevolgen zich zouden doen gevoelen naar gelang van de ontwikkeling der aangetaste gedeelten. Wij moeten ook onzen handel aanwakkeren en den Belgischen voortbrenger in staat stellen langs Belgische wegen te vervoeren en bij Belgen te consigneeren, de goederen, waarvan de verzending naar verre landen weldra, naar ik verhoop, belangrijker zal worden,dank aan ons volmaakt werk en aan onze gematigde prijzen.”

“Thans is onze uitvoer bijna uitsluitend toevertrouwd aan vreemde handen. Men dient na te gaan, waarom het zoo is, en de middelen te zoeken om het geld, dat wij aan commissionarissen van Havre, Hamburg, Rotterdam of Londen geven, door Belgen te laten winnen en voor ons land te behouden. Ook dient men, zooals ik zegde, aanzienlijk te vermeerderen het bedrag onzer plaatsingen in den vreemde en deze zouden, naar het gevoelen onzer consuls, vertiendubbeld kunnen worden.”

“Niet langer zult gij dulden, Mijne Heeren, dat alleen wij onder de natiën, die havens en eene zeegrens bezitten, voor het grootste gedeelte van onzen uitvoer afhankelijk zouden blijven van anderen... Weldra, ik hoop het stellig, zal onze jeugdige natie ook haar deel van de zee eischen en haar eersten stap doen op de baan van den billijken en eerlijken vooruitgang, de eenige die past aan den aard des Lands en aan den tijd waarin wij leven.”