Quotessence
Home / Authors / Leopold II

Leopold II Quotes

Author

Filter quotes by topic

Famous Leopold II Quotes

“Van nu af moeten wij onze markten zoo talrijk maken als mogelijk is. Geen ander middel bestaat er tot het bezweren dier nijverheidserisissen, waarvan de noodlottige gevolgen zich zouden doen gevoelen naar gelang van de ontwikkeling der aangetaste gedeelten. Wij moeten ook onzen handel aanwakkeren en den Belgischen voortbrenger in staat stellen langs Belgische wegen te vervoeren en bij Belgen te consigneeren, de goederen, waarvan de verzending naar verre landen weldra, naar ik verhoop, belangrijker zal worden,dank aan ons volmaakt werk en aan onze gematigde prijzen.”

“Thans is onze uitvoer bijna uitsluitend toevertrouwd aan vreemde handen. Men dient na te gaan, waarom het zoo is, en de middelen te zoeken om het geld, dat wij aan commissionarissen van Havre, Hamburg, Rotterdam of Londen geven, door Belgen te laten winnen en voor ons land te behouden. Ook dient men, zooals ik zegde, aanzienlijk te vermeerderen het bedrag onzer plaatsingen in den vreemde en deze zouden, naar het gevoelen onzer consuls, vertiendubbeld kunnen worden.”

“Niet langer zult gij dulden, Mijne Heeren, dat alleen wij onder de natiën, die havens en eene zeegrens bezitten, voor het grootste gedeelte van onzen uitvoer afhankelijk zouden blijven van anderen... Weldra, ik hoop het stellig, zal onze jeugdige natie ook haar deel van de zee eischen en haar eersten stap doen op de baan van den billijken en eerlijken vooruitgang, de eenige die past aan den aard des Lands en aan den tijd waarin wij leven.”

“Volgt uwe geburen na, breidt u uit aan den overkant der zeeën, telkens als gij daartoe de gelegenheid zult hebben, en gij zult er kostelijke uitvoerwegen voor uwe voortbrengselen vinden, bedrijvigheid voor uwen handel; werk voor al de arbeids- krachten, die wij thans niet gebruiken kunnen; plaats voor den overvloed onzer bevolking; nieuwe inkomsten voor de schatkist, die wellicht eenmaal aan onze Regeering zouden toelaten, naar het voorbeeld der Nederlandsche, de belastingen in het moederland te verminderen; eindelijk eene gewisse vermeerdering van macht en een nog beteren toestand in het centrum van het groot Europeesch gezin.”

“Evenals de mensch heeft eene Natie haar proeftijd, en ’t is juist tusschen vijf-en-zeventig en honderd jaar, dat men zien kan of zij wel bepaald gaat groeien of verkwijnen. Wat geeft het dat hare grenzen eng zijn? Zagen wij niet kleine Staten zich in de geschiedenis vereeuwigen? Iser niet in Griekenland een klein monument, het Parthenon, welks harmonie en evenredigheid van lijnen, sinds tweeduizend jaar, de bewondering der volken afdwingen.”