Quotessence
Home / Authors / Fernand Braudel
Fernand Braudel

Fernand Braudel Quotes

Historian

Filter quotes by topic

Famous Fernand Braudel Quotes

“De techniek (en anders in ieder geval de wetenschap) heeft zich daarentegen altijd op opmerkelijke wijze in de overheersende zones van de economische wereld ontwikkeld. Het Arsenaal van Venetië was zelfs nog in de zestiende eeuw het centrum van de techniek. Holland en vervolgens Engeland erfden op hun beurt dit dubbele voorrecht en tegenwoordig behoort het toe aan de Verenigde Staten. Maar techniek is misschien wel het lichaam, maar niet de ziel van beschavingen. Het is logisch dat techniek in economisch zeer ontwikkelde gebieden wordt gestimuleerd door industriële activiteiten en hoge lonen. Het voorrecht van de wetenschap is daarentegen nooit aan een enkel land voorbehouden. In ieder geval niet tot voor kort; nu ben ik daar niet meer zo zeker van.”

“Binnen een economische wereld konden de culturele en economische kaart er daarentegen heel anders uitzien, soms zelfs precies tegenovergesteld zijn, zoals de respectievelijke zwaartepunten van economische en culturele zones duidelijk laten zien. In de dertiende, veertiende, en vijftiende eeuw was het niet Venetië of Genua, de twee koninginnen van de handel, maar Florence dat in de Westeuropese beschaving de toon aangaf: hier ontstond de renaissance en hiervandaan zou de culturele stroming zich verspreiden; daarnaast drong Florence zijn dialect - het Toscaans - op aan de literatuur. Het levendige Venetiaanse dialect dat op dit vlak een geduchte rivaal had kunnen zijn, ondernam hiertoe geen enkele poging. Zou dat komen omdat een op economisch vlak triomferende stad of een al te overheersende staat niet alles tegelijk kon hebben? In de zeventiende eeuw vierde Amsterdam zijn hoogtijdagen als handelsstad, maar de barok die Europa veroverde kwam ditmaal uit Rome, of eventueel uit Madrid. Evenmin zou Londen in de achttiende eeuw de culturele scepter in handen krijgen. Toen Abbé Le Blanc tijdens zijn verblijf in Engeland van 1733 tot 1740 over Christopher Wren kwam te spreken, de architect van de Saint-Paul's Cathedral, merkte hij op dat 'op de verhoudingen na die hij [bovendien] niet goed in acht heeft genomen, [hij] niet meer heeft gedaan dan het ontwerp van de Sint-Pieter van Rome tot twee derde van zijn oorspronkelijke grootte terugbrengen'. Vervolgens uitte hij zich in weinig lovende bewoordingen over de Engelse landhuizen die 'nog in Italiaanse stijl [gebouwd zijn], maar niet altijd met evenveel succes'. In dezelfde achttiende eeuw werd Engeland niet meer zozeer door door de Italiaanse cultuur beïnvloed als wel door de ideeën uit Frankrijk, dat in die tijd een culturele uitstraling op Europa had en de toon aangaf op het gebied van het geestesleven, de kunst en de mode, ongetwijfeld ter compensatie voor het gebrek aan politiek en economisch overwicht. 'De Engelsen houden zo van onze onze taal dat ze er zelfs genoegen in scheppen om Cicero in het Frans te lezen,' aldus dezelfde abbé Le Blanc. En moe van het almaar moeten aanhoren hoeveel Franse bedienden er in Londen werkten, antwoordde hij: 'Het feit dat er in Londen zoveel Fransen zijn om jullie te bedienen, komt omdat jullie mensen de manie hebben net zo gekleed, gekapt en gepoederd te willen worden als wij. Ze hebben zich in hun hoofd gehaald dat ze onze mode willen volgen en betalen veel geld aan mensen die hun leren hoe ze zich moeten tooien met onze absurditeiten.' En zo gaf Londen, dat het centrum van de wereld was en zelfs een schitterende cultuur had, steeds meer toe aan de Franse invloeden. Dit werd trouwens niet altijd toegejuicht, want we weten omstreeks 1770 van het bestaan van een genootschap van Antigallicans, 'dat als eerste streven had om geen enkel kledingstuk van Franse makelei te dragen'. Maar wat een genootschap uitrichten tegen zoiets ongrijpbaars als mode? Hoewel Engeland door zijn economische vooruitgang steeds belangrijker werd, deed het geen poging om het geestelijke gezag van Parijs de ondermijnen, en heel Europa tot aan Moskou toe streefde ernaar om de Franse taal tot de taal van de aristocratie en tot voertuig van het Europese denken te verheffen. Evenzo vormde Frankrijk aan het eind van de negentiende en het begin van de twintigste eeuw overduidelijk het middelpunt van de Westeuropese literatuur en schilderkunst, terwijl het op economisch gebied ver op de rest van Europa achterliep; in de tijd dat Italië en Duitsland op muzikaal vlak de toon aangaven, waren ze geen van beide economische machthebbers; en ook vandaag de dag mogen de Verenigde Staten wel een enorme economische voorsprong hebben opgebouwd, maar daarmee hebben ze nog niet de literaire of artistieke leiding over de wereld.”

“The key problem is to find out why that sector of society of the past, which I would not hesitate to call capitalist, should have lived as if in a bell jar, cut off from the rest; why was it not able to expand and conquer the whole of society?... [Why was it that] a significant rate of capital formation was possible only in certain sectors and not in the whole market economy of the time?”

“The companies only developed if the state did not intervene in the French fashion. If on the contrary a certain degree of economic freedom was the rule, capitalism moved in firmly and adapted itself to all administrative quirks and difficulties”

“Events are the ephemera of history; they pass across its stage like fireflies, hardly glimpsed before they settle back into darkness and as often as not into oblivion. Every event, however brief, has to be sure a contribution to make, lights up some dark corner or even some wide vista of history. Nor is it only political history which benefits most, for every historical landscape - political, economic, social, even geographical - is illumined by the intermittent flare of the event.”