Quotessence
Home / Books / De Onverbiddelijke Tijd

De Onverbiddelijke Tijd

Book by Jan Wolkers · 3 quotes · Bladeren, Dalen, Groen

Filter quotes by topic

De Onverbiddelijke Tijd Quotes

“De zon was een matrode schijf met een vurige rand om de bovenronding tegen een egaalgrijze lucht. Op het water wat rode slierten zoals schilders dat soms doen om weerspiegeling weer te geven. Ervoor vlogen grote sterns vissend heen en weer. Van een meter of tien lieten ze zich vallen, boorden het water in dat opspatte alsof er een steen in werd gegooid. Even later kwamen ze weer boven water. Kierrr... kierrik!”

“Steeds zie ik ons samen opdoemen in mijn geest en weer verdwijnen. Als jongens, als jongemannen en op latere leeftijd. We kijken allebei star voor ons uit. Het lijkt wel of we met elkaar vergroeid zijn, zo dicht lopen we tegen elkaar. Ik weet niet of we op weg zijn ergens naar toe of dat het zomaar een dwalen is. Er is geen angst want ik weet dat we elkaar niet kwijt kunnen raken.”

“Hier is de tijd van de grote schoonmaak aangebroken. Het luchtig decor van dorre staketsels, die de tuin bij rijp en ijzel een kil maar feeëriek aanzien gaven en die droefgeestig leken te kermen in de wind, gaat onherroepelijk neer. Zondag jongstleden hebben we het verbleekt gebeente, omzichtig rondstappend want overal bleken groengele puntjes van de uitlopende bollen door de smeltende sneeuw heen te boren, aan stukken gekraakt en in een oude vuilnisemmer verbrand. De tuin was bij tijd en wijle gedompeld in een blauw waas waar we doorheen doolden als schimmen. Het is verwonderlijk zo'n nietig laagje als er op de bodem van de emmer overblijft van al dat uitbundige groene leven van verleden jaar zomer.”